Laatste nieuwsberichten
01mrt

MS en andere culturen

‘Het is belangrijk dat je begrijpt hoe de patiënt denkt en voelt’
In het interview met cultureel antropoloog en socioloog Cor Hoffer, werkzaam bij de GGZ Parnassia Bavo Groep als onderzoeker en trainer interculturele communicatie geeft antwoord op de onderstaande vragen:

Een deel van uw werk is het trainen van zorgverleners in het communiceren met allochtonen. Wat leert u hen?
“Het belangrijkste is elke patiënt als individu te bekijken. Ik zal meteen een voorbeeld geven. Enige tijd geleden werd ik gebeld door een psychologe. Eén van haar cliënten was een Marokkaans meisje dat een abortus had laten plegen en nu geplaagd werd door twijfels en schuldgevoelens. De psychologe kwam niet verder met haar. Omdat het om een islamitisch meisje ging, vroeg ze mij advies. Ik vroeg haar hoe ze het zou aanpakken als het een strenggelovig christelijk meisje zou zijn geweest. In dat geval, zei ze, zou ze vragen hoe de familie tegenover abortus staat en welke rol haar geloof speelt bij haar problemen. Mijn antwoord was toen: ‘Doe met dat Marokkaanse meisje precies hetzelfde’. Die aanpak heeft gewerkt. De problemen van het meisje bleken niets met haar geloof te maken te hebben, maar met familieruzies. Kortom, toen de hulpverleenster doorvroeg, kon ze haar wel helpen. Achteraf zei de psychologe dat ze niet over het geloof durfde te beginnen, met name omdat ze voor haar gevoel te weinig van de islam afwist. Ze was bang dat vragen hierover gevoelig zouden liggen. Om diezelfde reden durfde ze ook niets over de familie te vragen.”

In hoeverre moeten zorgverleners zich verdiepen in andere culturen en religies?
“Een goede vraag. Ik denk dat je in de huidige multiculturele Nederlandse samenleving van zorgverleners mag verwachten dat ze wat lezen over de belangrijkste culturen en religies, het volksgeloof en de plaats van religieuze geneeswijzen daarin. Als een patiënt zegt dat hij ziek is omdat een djinn hem heeft gegrepen, dan is het handig als de zorgverlener weet dat een djinn voor moslims een bovennatuurlijk wezen is. Als zoiets ter sprake komt, dan zouden zorgverleners volgens mij ook moeten doorvragen. Dat betekent niet dat zij er zelf in moeten geloven, maar ze moeten zich wel realiseren dat het voor patiënten belangrijk kan zijn. Als over dat soort onderwerpen doorgevraagd wordt, verbetert dat de communicatie tussen de patiënt en de zorgverlener. Dat vergroot dan weer de kans dat de patiënt de behandeling die de dokter voorstelt ook daadwerkelijk uitvoert. In de psychiatrie raad ik zorgverleners altijd aan om te vragen of een patiënt ook andere artsen en/of genezers ziet. Ik denk dat het goed zou zijn als alle zorgverleners dat zouden doen, uiteraard zonder iemand te veroordelen. Overigens, kennis over andere culturen kan ook een valkuil zijn. Je loopt het risico dat je een patiënt wilt laten passen in het beeld dat jij van die cultuur hebt gekregen.”

Hoe moeten zorgverleners omgaan met religieuze geneeswijzen?
“In de eerste plaats moeten zorgverleners accepteren dat het een maatschappelijke realiteit is dat mensen zich ook wenden tot anderen dan reguliere zorgverleners. De cultuur waarin je bent opgegroeid, bepaalt voor een deel hoe je een ziekte beleeft en waar je hulp zoekt. 
Het opleidingsniveau, de sociaaleconomische positie en de mate van contact met andere bevolkingsgroepen spelen daarbij natuurlijk ook een rol. Ik weet niet zoveel over MS, maar laten we dat eens als voorbeeld nemen. Als iemand plotseling heel moe is of een tintelend gevoel krijgt in zijn been, dan denkt een neuroloog aan medische oorzaken. De persoon zelf, of zijn omgeving, kan denken aan bovennatuurlijke oorzaken, het boze oog of de wil van God bijvoorbeeld. Zorgverleners moeten zich daar bewust van zijn. Als een behandeling niet aansluit op de belevingswereld van een patiënt, dan is de kans groot dat die niet aanslaat.”

Veel zorgverleners zijn heel afwijzend als het gaat om alternatieve geneeswijzen, zeker als die uit een religie of uit volksgeloof voortkomen. Is dat terecht?
“We weten uit onderzoek dat het idee dat iets zal werken een patiënt ook echt kan helpen. Als een patiënt hoop en kracht put uit bepaalde rituelen, zijn godsdienst, amuletten, een bedevaart of genezingsdiensten van evangelisten, wie ben ik dan om te zeggen dat dat slecht is? Voor opgesteld natuurlijk dat de patiënt hierdoor niet wordt weggehouden van de reguliere behandeling. Die twee hoeven elkaar niet te bijten. Mensen die ziek zijn, worstelen vaak met de vraag waarom juist hen dit overkomt. Dat geldt voor iemand uit de blanke middenklasse net zo goed als voor een eerste generatie Marokkaan of een Surinaams-Hindoestaans meisje. Waarom krijg ik MS? De medische wetenschap heeft op die vraag geen antwoord. Religieuze genezers kunnen mensen in hun eigen taal en vanuit hun eigen cultuur een verklaring bieden waar mensen psychisch en spiritueel iets aan hebben. Net zoals een geloofsovertuiging dat kan. En dan is er geen verschil of het daarbij gaat om het christendom, het hindoeïsme, de islam of welke andere godsdienst dan ook.”

Er wordt vaak gezegd dat de familie van allochtone patiënten een grotere rol speelt dan bij autochtonen, klopt dat?
“Autochtone Nederlanders zijn vaak sterk geïndividualiseerd. De rol van de familie is bij allochtone Nederlanders inderdaad vaak groter. Maar dat is zeker niet zwart-wit. Nederlanders stoppen echt niet alle oudere mensen in verzorgingshuizen, zoals in allochtone kringen wel gedacht wordt. De cijfers laten zien dat slechts een paar procent van de hulpbehoevende ouderen in een verzorgingshuis of verpleeghuis woont. Met andere woorden, ook heel veel autochtone Nederlanders zorgen, samen met de thuiszorg, voor hun ouders. Daarnaast zie je dat de tweede of derde generatie allochtonen gedeeltelijk vernederlandst. De norm is weliswaar nog steeds dat je altijd voor zieke of oude familieleden moet zorgen. Veel allochtone vrouwen van de derde generatie werken echter buitenshuis en hebben een Nederlandse opleiding gehad. De Nederlandse huizen zijn er bovendien niet op gebouwd om hulpbehoevende ouderen in te laten wonen. Veel van deze vrouwen moeten ontzettend schipperen en zitten klem tussen hun eigen achtergrond en de Nederlandse maatschappij anno 2010.”

Uw conclusie?
“Zorgverleners doen er verstandig aan te informeren naar de manier waarop patiënten in het leven staan en hun ziekte beleven. Ze zouden daar ook actiever naar kunnen vragen. De hulpverlener hoeft de visie van de patiënt helemaal niet te delen, maar moet er wel serieus rekening mee houden. Daarnaast is het van belang dat hulpverleners goed uitleggen wat zij te bieden hebben. Dikwijls blijken patiënten niet goed op de hoogte te zijn van de inhoud van het zorgaanbod. Als de communi catie tussen patiënt en zorgverlener goed is, dan kan het behandelplan maximaal afgestemd worden op het individu en is de kans op succes groter.”


Vragen aan de dokter

Bij het kiezen van een behandeling van MS moet aan veel verschillende dingen gedacht worden.
Hier staan enkele belangrijke zaken, die je met de neuroloog kunt bespreken

Stel je vraag

  • Was deze informatie nuttig?